| Groefbijen - Halictus en Lasioglossum - |
Pagina bij www.zoekkaartwildebijen.nl |
|
| Koekoeksbijen |
| De koekoeksbijen bij groefbijen zijn bloedbijen. Ze parasiteren in hoofdzaak op groefbijen. Net als bij zandbijen kan het een aantal jaren duren voordat bloedbijen aanwezig zijn. Deze komen ook in tuinen voor. |
| Overgang naar sociale levenswijze |
| De vrouwtjes en mannetjes van verschillende soorten komen in de zomer (augustus) al uit het nest de vrouwtjes worden dan bevrucht en overwinteren in de grond, terwijl de mannetjes voor de winter sterven. Verschillende soorten bijen van het geslacht Halictus hebben kenmerken van een sociale levenswijze. Er is een gemeenschappelijk ingang naar de nesten, en/of er is een typen bij die aan werksters van de honingbijen doet denken. Dat is wat op het oog wordt waargenomen. Van honingbijen weten we dat het sociale systeem sterk gebonden is aan hormonale processen. In ieder geval is de grens tussen sociale en solitaire bijen niet scherp te trekken. Vandaar dat men steeds meer over wilde bijen spreekt. |
| |
| Milieu van groefbijen (Halictus)--- Voornaamste drachtplanten |
| Milieu van groefbijen--- |
| Groefbijen vliegen op plekken in de omgeving van een zandig of lemige droge tot iets vochtige bodem. Deze plaatsen moeten min of meer vrij van begroeiing zijn; ijle begroeiingen met een niet te dichte wortellaag is voor veel Groefbijen ook acceptabel. Dit zijn bijvoorbeeld open grazige begroeiingen of een moslaag met open plekken. Grote kolonies zandbijen worden alleen aangetroffen op grote open plaatsen of grote plekken met ijle begroeiing. |
| Natuurlijke en halfnatuurlijke milieus: duinen, bosranden. |
| Sterk cultuurlijke milieus: zandgroeve, industrie terreinen, dijkhellingen, bermen, greppelkanten en stijlkanten, zandpaden, plantsoenen, tuinen. |
| Op welke planten vliegen groefbijen? |
| Groefbijen vliegen op honderden plantensoorten maar met een zekere voorkeur voor composieten, buiten tuinen zijn dat vaak graslandplanten. Specialisatie zoals dat bij zandbijen het geval is komt bij de Nederlandse soorten groefbijen niet voor. |
| |
| Hoe krijg je groefbijen in je tuin |
| Dit loopt parallel met zandbijen. Als een tuin niet al te netjes wordt onderhouden en er verschillende bloeiende planten voorkomen, is de kans groot dat zandbijen er al voorkomen. Met een steuntje in de rug kan het aantal zandbijen aanzienlijk worden uitgebreid. |
| Vuistregel: nestgelegenheid en drachtplanten moeten binnen een straal van 10-20 (50-100?) m, bij elkaar voorkomen . |
| Nesthulp |
| Zorg dat er op verschillende plekken open zandige grond aanwezig is. Dit zand mag niet te grof of te droog zijn. Speelzand, lemig zand, lichte zavel en sterk zandige klei werk goed. Bijvoorbeeld een zandbak, zandheuvel, en talud, naden 4-15 mm breed tussen de stenen van plaveisel/bestrating. Handgevormde klinkers, kinderkopjes en keien zijn daar zeer geschikt voor. Verder kan ieder ander plaveisel worden gebruikt. Op de zandgronden zijn er daarnaast meestal wel plekjes tussen de begroeiing. Foto's volgen spoedig. |
| Op grotere zandige plekken mogen in beperkte mate planten groeien. De bodem moet goed open blijven voor de bijen. Als de grond te veel wordt afgesloten of te sterk doorworteld raakt, verdwijnen de bijen weer. Natuurlijke processen die de bodem openhouden ontbreken gewoonlijk in tuinen. Met enig beleid moet begroeiing die het maken van nesten verhindert geregeld worden verwijderd. Daarbij mag alleen de bovenste (2-4) worden verstoord. |
| Drachtplanten |
| Drachtplanten voor kleine (30-100 m2) en middelgrote tuinen (100-300 m2): onder meer boerenwormkruid, paardenbloem, gewoon duizendblad, Gewone margriet, knoop kruid, muizenoor, wilde cichorei, gewoon biggenkruid. |
|
| |
| Wijfje Halictus met groefje en haarbandjes |
 |
| |
| |
Overzicht van groefbijen (Halictus) die in de loop van 2011 zullen worden beschreven
Voor een overzicht van alle Nederlandse soorten zie: Voorlopige Atlas van de Nederlandse bijen ( het opladen kan enkele minuten duren) |
| Van de 9 soorten die in Nederland zijn waargenomen zijn 3 soorten in een groot deel van het land vrij algemeen. Dat zijn roodpotige groefbij, Halictus tumulorum en Halicus confusus. De rest is zeldzaam of niet meer in Nederland waargenomen. |
| De roodpotige groefbij en Halictus tumulorum komen ook in tuinen voor. Dat zijn ook de bijen die men bij nesthulp kan verwachten. |
| Voorbeelden (Nederlandse beschrijvingen volgen later) |
| Vrij algemene soorten die in de tuin kunnen worden verwacht |
| Halictus rubicundus |
Roodpotige groefbij |
|
| Halictus tumulorum |
|
|
| Zeldzame tot zeer zeldzame soorten |
| Halictus scabiosae |
Breedbandgroefbij |
|
| Halictus maculatus |
Blokhoofdgroefbij |
|
| Halictus quadricinctus |
Vierbandgroefbij |
|
| Halictus sexcinctus |
Zesbandgroefbij |
|
|
| |
| |
| Roodpotige groefbij (Overgenomen van: http://tinyurl.com/6x5nd6f) |
 |
| |
| |
| Halictus tumulorum (©Robin Williams) |
 |
|
| |
| Halictus maculatus (©James K. Lindsey) |
 |
| Terug naar top |
|